Doorgaan naar hoofdcontent

kim in brummen en nog meer volk

een man of twintig aan de start op het marktplein in brummen. de geringe bekendheid van de allereerste pinksterrun, in combinatie met het tijdstip - een mens moet ook eten - brengt weinig hardlopers op de been. ik kijk quasinonchalant om me heen. die kan ik hebben, die ook, een ander in een geel singlet is twintig jaar jonger en die dame loopt me er ook uit, ben ik bang. nee, dat wordt geen top 5 :-), maar ik kom ook niet als laatste over de meet. ik draag een shirt met een belangrijke boodschap, het spreekt onder de deelnemers nauwelijks tot de verbeelding; iedereen is geconcentreerd voor zijn of haar (ruim) 10 kilometer. na het startsein spuiten de testosteronpikkies weg, gevolgd door enkele dames. al snel loop ik alleen. een jonge vrouw van eind twintig, begin dertig, dressed in black, gaat me voorbij. ze heeft een iets hoger tempo, maar ze loopt daarna nauwelijks uit. ik kom tussen 3 en 4 kilometer zelfs in haar slipstream en met haar en een blonde deerne (in gedachten besluit ik dat ze kim heet) loop ik een poosje in aangenaam gezelschap. ik voel me een hele vent, vet in de veertig en hun tempo is geen enkel probleem. de dame in het zwart moet opeens afhaken, slecht gegeten zal later blijken. het is warm en vooraf heeft organisator jan strijker per sms laten weten dat onderweg geen water wordt uitgedeeld. daar baal ik nu van. wie schetst mijn verbazing, dat na een kilometer of 6 een vrouw van ruimschoots middelbare leeftijd (kak, ik ben ook al bijna zover) langs de kant bekertjes water uitdeelt. ik neem een bekertje dankbaar aan en neem enkele slokjes. ik gooi wat water weg en giet de rest over mijn nek. ik voel een gletsjer van verkoeling over mijn ruggenwervel naar beneden sijpelen. ik krijg er een boost van. ik besef dat ik na 8 kilometer nog energie over heb en besluit te versnellen. kim de deerne haakt af en ik voel me geweldig; deze ouwe lul laat zich niet zomaar inpakken door de jeugd. ik ben binnen een kilometer van de finish en mijn tempo gaat nog iets omhoog. maar plots ben ik de kluts kwijt: een bord met de letter f wijst naar rechts, op het wegdek wijst een pijl met een f vooruit. ik twijfel, loop even door en besluit na een meter of dertig toch om te keren. ik ben even boos, maar de goede energie in mijn lijf wint het van de ergernis. met de armen wijd kom ik in 54:29 over de streep, de fotograaf van de stentor zal er maar staan. een minuut of twintig later krijg ik de garantie dat ik inderdaad niet als laatste ben geëindigd. in mijn auto rijd ik naar de openbare weg richting leuvenheim en moet daarbij een stukje over het parcours. een vrouw ploetert voorwaarts, gevolgd door de bezemfietser. arme stakker.

naschrift: kim blijkt in werkelijkheid bianca te heten.

Reacties

Populaire posts van deze blog

stevensloop: wind, hamburgers en liefde aan de finish

een halve marathon is de helft van de hele. daarom heet zoiets ook een halve marathon. wie een hele marathon (42,195 meter) wil lopen, moet een halve (21,100 meter) in de benen hebben. en meer. ik heb sinds gisteren twee officiële halve marathons op mijn palmares. de eerste ging in 1 uur en 56 minuten, de tweede boven de 2 uur. en die tweede, die doet de twijfel toeslaan. die tweede, de stevensloop , die was zwaar. die was kak, ruk, geef het beestje maar een naam. het was koud en het waaide hard. op het moment dat je wind mee moest hebben, zat het tegen. weinig publiek onderweg en op de bemmelsedijk stonk het naar hamburgers - fijn voor al die gezonde lopers; niemand gaat voor de lol naar een wildvreemde zwaaien en roepen als je binnen aan de koffie kunt met cake en studio sport of kolonisten van catan. ik was niet de enige die last had van de wind, gelukkig maar. gemopper na afloop alom, maar ook trots want je had het geflikt. de stevensloop werd voor de eerste keer gehouden. ruim 700...

de kogel is door de kerk, maar eerst naar de dokter

ken je dat? dat je ooit hebt geroepen, misschien wel heel hard, dat je iets niet ging doen, omdat je er zeker van was dat het een krankzinnig idee was? dat laatste is nog steeds het geval en toch ga ik het proberen: een marathon lopen. waarom vraag je misschien. i don't know. misschien wel omdat ik denk dat ik een lafaard ben. een lafaard? check. en wel hierom. toen ik ruim drie jaar geleden begon met rennen, zei ik: ik ga niet verder dan tien kilometer. en toen ik uiteindelijk tien in de benen had, dacht ik: ach, misschien is vijftien kilometer ook wel te doen. ik deed vorig jaar mee aan de zevenheuvelenloop in nijmegen. die is vijftien kilometer lang. daarvoor had ik al twee keer meegedaan aan een wedstrijd over tien engelse mijlen: de cascaderun in hoogeveen en de bridge to bridgeloop in mijn woonplaats arnhem . tien engelse mijlen, ruim zestien kilometer. nog nooit rende ik zo ver... een halve marathon is maar vijf kilometer verder, zei iemand. ik was inmiddels lid v...

het is gelukt, de marathon is volbracht

waar zal ik beginnen? bij het gevoel dat ik ben overreden door een tientonner? bij het laatste stuk naar de finish vanaf pak 'm beet 37 kilometer en ik om de tien passen wanhopig omhoog keek en hoopte op steun van een of ander opperwezen? bij het moment dat ik een stralende mrs in de armen viel? het lopen van de marathon , lieve mensen, is een eitje. in het begin. pas na 25, 30 kilometer kom je erachter dat je een onmenselijke prestatie aan het leveren bent. ruim een jaar geleden zei ik tegen mijn vrouw, aangestoken door enkele hardloopvrienden van mijn hardloopgroep social mile die de magische afstand van 42 kilometer en 195 meter hadden voltooid, dat ik ook een marathon wilde lopen. eentje maar. gewoon beginnen met trainen, de afstanden opbouwen, een beetje letten op eten en drinken, het aantal trainingen intensiveren met als slotakkoord één keer een marathon. hoe moeilijk kan het zijn? de voorbije twee maanden van mijn voorbereiding ging ik bijkans door een hel; ik kreeg allerle...