we renden nog steeds in stilte. iedereen zat net als ik met zijn gedachten bij verre werelden. als een meester op schoolreisje telde ik de silhouhetten. ik telde er zes. donkere wolken trokken nog steeds snel van links naar rechts, geduwd door de oostenwind boven ons.
deze passage komt uit het boek 'het blauwe uur' van hans koeleman. in dit boek vertelt hij over rennen in het donker en wat dat met je doet, of zou kunnen doen. nu de marathon van enschede met rasse schreden dichterbij komt, ontkom ik er niet aan soms ook voor dag en dauw op te staan, en te rennen in het donker.
afgelopen zondag stond ik om 6.30 uur buiten; nauwelijks een kip op straat, afgezien van een taxi die een stapper naar huis bracht. ik stond er helemaal alleen voor, alleen ik en mijn muziek. ik zag mijn adem verdwijnen in de koude buitenlucht - ik voelde me even goochelaar en publiek tegelijk.
volgens koeleman kan in het zwart van de late nacht met een loper van alles gebeuren. (natuurlijk bestaat de kans dat een malloot je plotseling aanspreekt voor een vuurtje - je schrikt je de tandjes en dat bedoelt koeleman niet, maar laten we er gemakshalve even van uitgaan dat je op dit moment even alleen op de wereld bent.) en in het donker liggen mysterieuze ervaringen op de loer.
ik liep zondag naar het oosten, de zon leek nog lang niet op te komen. ik was zo in trance dat ik niet eens doorhad dat het toch al een beetje licht werd. en toen gebeurde het. op het fietspad naast een provinciale weg en een fraaie bomenrij meende ik een beweging te zien. alsof iemand achter een boom wegdook. je denkt misschien, dat zie je toch? niet ik. tijdens het lopen heb ik vaak de neiging naar de grond te kijken en niet recht naar voren.
ik was meteen op mijn hoede. ik ben weliswaar 1,95 meter lang en dus een grote gestalte in het donker, een held ben ik niet. maar wat te doen? inhouden? stoppen? geen optie, besloot ik. hardlopers stoppen niet, hardlopers lopen door. en wat bleek? ik had inderdaad geen schim gezien, maar een mens van vlees en bloed. ik was een plek genaderd waar een auto geparkeerd stond. de bestuurder was uitgestapt om te piesen. achter een boom. toen ik bij de auto was, trok de man op en vervolgde zijn weg. hij reed in een ford focus. ik schudde mijn hoofd en besloot mijn focus te verleggen. ik had nog drie kwartier te gaan.
het blauwe uur - wat de loper bezielt. hans koeleman. prometheus bert bakker
isbn 9789035142053
een halve marathon is de helft van de hele. daarom heet zoiets ook een halve marathon. wie een hele marathon (42,195 meter) wil lopen, moet een halve (21,100 meter) in de benen hebben. en meer. ik heb sinds gisteren twee officiële halve marathons op mijn palmares. de eerste ging in 1 uur en 56 minuten, de tweede boven de 2 uur. en die tweede, die doet de twijfel toeslaan. die tweede, de stevensloop , die was zwaar. die was kak, ruk, geef het beestje maar een naam. het was koud en het waaide hard. op het moment dat je wind mee moest hebben, zat het tegen. weinig publiek onderweg en op de bemmelsedijk stonk het naar hamburgers - fijn voor al die gezonde lopers; niemand gaat voor de lol naar een wildvreemde zwaaien en roepen als je binnen aan de koffie kunt met cake en studio sport of kolonisten van catan. ik was niet de enige die last had van de wind, gelukkig maar. gemopper na afloop alom, maar ook trots want je had het geflikt. de stevensloop werd voor de eerste keer gehouden. ruim 700...
Reacties
Een reactie posten